fbpx

Week van de Bouw: diverse beurzen onder één dak

Artikel delen

Van maandag 9 tot en met vrijdag 13 februari 2015 vindt in de Jaarbeurs Utrecht de ‘Week van de Bouw’ plaats. De Week is een combinatie van vakbeurzen, Gala van de Nederlandse Bouw met de uitreiking van de Nederlandse Bouwprijzen, netwerkbijeenkomsten, award uitreikingen, debatten en congressen. Elke doelgroep binnen bouw en vastgoed krijgt hiermee zijn eigen gespecialiseerde evenement.
 
Volgens Martijn Carlier, Marktmanager Bouw bij Jaarbeurs is het gelukt om een week lang verschillende beurzen en events voor de bouw op één locatie te krijgen, met circa 800 exposanten. Tegelijkertijd met bekende evenementen zoals de BouwBeurs, Material Xperience, de Nederlandse Bouwprijs en het Gala van de Nederlandse Bouw, zijn ook GEVEL en Renovatie & Transformatie speciaal voor deze gelegenheid naar de Jaarbeurs in Utrecht verhuisd. Nieuw in de Week van de Bouw is het Nationaal Bouwdebat.
‘Het resultaat is een krachtige combinatie van vakbeurzen die interessant is voor iedereen in bouw en vastgoed en waarbij de uitvoerende bouw centraal staat. Van aannemer tot architect en van opdrachtgever tot zzp’er: voor iedereen is de Week van de Bouw informatief. Vooral het aantal zzp’ers is de laatste jaren hard gegroeid, maar die doelgroep is vaak lastig te bereiken voor exposanten. Daarom hebben we ook nu weer een ZZP Plein in Hal 12’, zegt Carlier. De formule is gebaseerd op een simpel, maar doeltreffend principe dat iedere doelgroep zijn eigen informatieplatform heeft. ‘Iedereen kent natuurlijk de BouwBeurs, de grote beurs voor de hele bouw. In de Week van de Bouw wordt aanvullend een vakinhoudelijk programma opgetuigd dat zich specifiek richt op architecten, ingenieurs en opdrachtgevers, zoals woningcorporaties.’
BouwTotaal – dat ook voor deze beurseditie weer een uitgebreide beursspecial uitbrengt en een dagelijks BouwJournaal gaat verzorgen – vraagt aan Carlier of het geen oude wijn in nieuwe zakken is: is er eigenlijk geen sprake van het op een hoop gooien van meerdere beurzen om de hallen te vullen? Carlier ontkent dat krachtig: ‘Dat idee bestaat wellicht, maar we moeten dat crisisgevoel eens weggooien. De TNO Bouwprognoses voor 2015 laten een voorzichtig economisch herstel zien, het consumentenvertrouwen is verbeterd, de bancaire sector is gereorganiseerd en de woningmarkt trekt aan. Het wordt weer leuk in de bouw! Bovendien vinden GEVEL en Renovatie & Transformatie in 2016 ook afzonderlijk weer plaats. Daarnaast vraagt deze tijd, waarin de bouwsector klantgericht wil zijn en nieuwe vormen van samenwerkingen zoekt, om relevante en gerichte communicatie. Met scherper afgebakende beursconcepten.’
 
Nieuwe ontwikkelingen
Opvallend vindt Carlier het aanbod aan innovaties die op dit moment binnen de bouwsector ontstaan. In de eerste plaats ligt er een grote transformatie- en renovatie-opgave de komende jaren. Deze wordt mede gedragen door het energievraagstuk, verduurzaming en vergrijzing. Daarnaast is er de toenemende aandacht voor biobased materialen die zijn gemaakt van natuurlijke, biologische grondstoffen en gemakkelijk afbreekbaar of herinzetbaar zijn, zoals hout, leem, stro, glas en hennep. Producten die geoogst kunnen worden en steeds weer worden hernieuwd. ‘Biobased is een actueel onderwerp binnen de discussie van levensduur en circulaire economie die in grote mate betrekking heeft op gebouwen. Zo hebben we nu voor het eerst een Strobouwplein in Hal 8.’
Carlier merkt dat binnen de bouwsector deze discussie zich enigszins losweekt van zijn alternatieve imago: ‘Deze trend heeft sterk te maken met nieuwe keuzes die gebruikers willen maken. Mensen willen in een gezonde omgeving wonen en werken, met een goed ventilerend binnenklimaat zonder toxische stoffen of chemicaliën die materialen uit kunnen stoten.’ In volume en geld stelt dit soort ontwikkelingen nog weinig voor, maar Carlier merkt een groeiend interesse voor dit onderwerp bij bezoekers van de Week van de Bouw.
‘Naast puur commerciële activiteiten om bouwproducten te promoten maakt de Week van de Bouw ook ruimte voor kleinschalige innovaties met potentie die relevant zijn voor de bouwsector en waarover mensen vragen willen stellen’, zegt Carlier. ‘Hetzelfde geldt voor allerlei online-initiatieven, zoals BIM, 3D-printen en computergestuurde productie. De meeste hebben een hoop hype in zich, maar iedereen voelt intuïtief aan dat deze innovaties ook de bouw zullen raken.’