Bouwbedrijven zien hun winsten verbeteren

In het vierde kwartaal 2025 gaf meer dan een kwart van de bouwers aan dat hun winstgevendheid was toegenomen. Dit is het hoogste percentage sinds 2019, vlak voor de coronacrisis.

Goed gevulde orderboeken

Orderboeken van bouwers zitten vol. Bouwbedrijven hadden in november gemiddeld twaalf maanden aan werk in portefeuille. Dit is de grootste werkvoorraad sinds de start van de conjunctuurmeting van het EIB. Bouwbedrijven kunnen kieskeurig zijn en selecteren daarom alleen de meest winstgevende projecten waarvan de risico’s beperkt zijn. Grotere bouwbedrijven als BAM, Ballast Nedam, Dura Vermeer en Heijmans zijn ook terughoudender geworden bij het aannemen van grote risicovolle projecten.

Vooral meer winst door hogere verkoopprijzen

Door de goed gevulde orderboeken kunnen bouwbedrijven ook hogere prijzen vragen. Het aantal bouwbedrijven dat in januari de prijzen wilde verhogen steeg dan ook verder tot boven de 50%. Vooral bedrijven in de infrasector hebben plannen om dit te doen. Deels hebben bedrijven hogere prijzen ook nodig om de hogere loonkosten te blijven dekken, al stijgen de kosten van bouwmaterialen nog maar nauwelijks.

Maar volumegroei blijft achter

Na de flinke krimp van het bouwvolume in 2024 (-2,9%) is het volume in 2025 met ongeveer 1% gestegen. Voor 2026 verwachten we een matige groei van 0,5%. De voortgang in de woningbouw valt tegen. De structurele knelpunten zijn een veelkoppig monster zoals een tekort aan bouwgrond, langdurige en complexe ontwikkeltrajecten, bezwaarprocedures, de stikstofproblematiek en netcongestie. De problematiek is complex en vraagt veel tijd en inspanning van het nieuwe kabinet om dit op te lossen.

Maurice van Sante
ING Research
maurice.van.sante@ing.com