Personeelstekort in de bouw: wanneer huur je vakmensen in, en waar let je dan op?

Wie een bouwplanning maakt, rekent niet alleen met materiaal en vergunningen, maar ook met de vraag of er genoeg handen zijn. Het tekort aan vakmensen is geen incident meer. Elke aannemer heeft er een eigen antwoord op nodig.

Hoe groot is het tekort eigenlijk?

Het CBS meet de spanning met de vacaturegraad: het aantal openstaande vacatures per duizend banen van werknemers. In het tweede kwartaal van 2022 haalde de bouwnijverheid een record van 81 vacatures per duizend banen, tegen 54 voor de hele economie. Een jaar later lag de bouw op 73 (voorlopig cijfer), nog altijd ruim boven de 57 van het tweede kwartaal van 2019. Het CBS telde in 2022 bovendien een recordaantal van 570 duizend werkzame personen in de bouw, ruim 55 duizend meer dan in 2019. De sector groeit dus wel, maar de vraag groeide harder. De instroom uit opleidingen was volgens het CBS niet genoeg om de vacatures te vullen.

Eerst kijken naar je eigen planning

Inhuren is niet altijd het juiste antwoord. Veel capaciteitsproblemen zijn eigenlijk planningsproblemen. Drie vragen helpen om dat te scheiden:

  • Is de piek tijdelijk (een oplevering, een project dat uitloopt) of structureel? Voor een structureel gat is een vaste medewerker of een leerling-werknemer vaak verstandiger dan steeds opnieuw inhuren.
  • Kun je werk ontkoppelen? Prefab, een andere volgorde van disciplines of een onderaannemer voor een compleet pakket vraagt soms minder mensen op de bouwplaats dan losse inhuur.
  • Wat kost inwerken? Een ingehuurde timmerman die eerst de bouwplaats en de tekeningen moet leren kennen, levert minder op dan zijn uurtarief doet vermoeden. Bij een klus van twee weken weegt dat zwaar.

Pas als de piek echt tijdelijk is of een specifieke vaardigheid ontbreekt, is flexibele capaciteit een goede oplossing. Dan komt het erop aan hoe je inhuurt, en bij wie.

Kiezen tussen uitzenden, detacheren en zzp

Een uitzendkracht of gedetacheerde werkt onder jouw leiding, maar is in dienst bij het bureau. Een zzp’er is zelfstandig en valt onder de regels rond schijnzelfstandigheid. Wie vooral behoefte heeft aan een paar weken extra capaciteit met weinig administratie, is meestal beter af via een gespecialiseerd uitzendbureau in de bouw, dat de vakkennis van de kandidaten kent en het loon en de verplichtingen zelf afhandelt. Een zzp’er past beter bij een afgebakende klus waarvoor je een resultaat afspreekt in plaats van uren.

Wat je controleert voordat iemand begint

De eerste controle is de Waadi. Volgens KVK moet je als inlener altijd nagaan of het bedrijf waarvan je personeel inhuurt in het Handelsregister staat en een Waadi-registratie heeft. Doe je dat niet, dan kun je een boete krijgen.

De tweede controle is de aansprakelijkheid voor loonheffingen. Volgens de Belastingdienst kan de inlener aansprakelijk worden gesteld voor loonheffingen en omzetbelasting als de uitlener die niet betaalt. Dat geldt ook voor de doorlener, dus voor de hele keten van aannemers die ingeleend personeel gebruiken. Je beperkt dit risico door een verklaring betalingsgedrag van de uitlener te vragen en je eigen administratie op orde te houden, of door het deel van de factuur voor loonheffingen en btw op de g-rekening van de uitlener te storten. KVK noemt daarnaast het SNA-keurmerk: bij een bedrijf met dat keurmerk kan de Belastingdienst niet betaalde loonheffingen en btw voor het ingeleende personeel niet bij jou terughalen.

Daarnaast loont een paar praktische controles op de bouwplaats zelf:

  • Veiligheidscertificaat: vraagt jouw opdrachtgever VCA of een gelijkwaardig certificaat, dan geldt dat ook voor ingeleend personeel. Vraag de geldigheidsdatum, niet alleen het bewijs dat het bestaat.
  • Vakbekwaamheid: vraag bij gespecialiseerd werk zoals lassen of hijsen de bewijzen op voordat je het werk toewijst.
  • Identiteit: leg een kopie van het identiteitsbewijs vast.

Nieuwe regels vanaf 2027

De regels worden strenger. Volgens KVK mogen uitleners vanaf 1 januari 2027 alleen nog personeel uitlenen als de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) ze heeft goedgekeurd, onder de nieuwe Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta). Goedgekeurde bedrijven komen in een openbaar register, en inleners mogen straks alleen nog samenwerken met uitleners die daarin staan. Uitleners moeten onder meer een VOG tonen en een waarborgsom van 100.000 euro storten. De Arbeidsinspectie begint vanaf 1 januari 2028 met handhaving, en tot die tijd blijft de Waadi-check bestaan. Vraag een bureau dus hoe het zich op de Wtta voorbereidt.

Kort samengevat

Kijk eerst of je een planningsprobleem of een capaciteitsprobleem hebt. Huur alleen in voor echte pieken of een specifieke vaardigheid, en controleer de Waadi-registratie en de aansprakelijkheid voor je begint.

Wie een bouwplanning maakt, rekent niet alleen met materiaal en vergunningen, maar ook met de vraag of er genoeg handen zijn. Het tekort aan vakmensen is geen incident meer. Elke aannemer heeft er een eigen antwoord op nodig.

Hoe groot is het tekort eigenlijk?

Het CBS meet de spanning met de vacaturegraad: het aantal openstaande vacatures per duizend banen van werknemers. In het tweede kwartaal van 2022 haalde de bouwnijverheid een record van 81 vacatures per duizend banen, tegen 54 voor de hele economie. Een jaar later lag de bouw op 73 (voorlopig cijfer), nog altijd ruim boven de 57 van het tweede kwartaal van 2019. Het CBS telde in 2022 bovendien een recordaantal van 570 duizend werkzame personen in de bouw, ruim 55 duizend meer dan in 2019. De sector groeit dus wel, maar de vraag groeide harder. De instroom uit opleidingen was volgens het CBS niet genoeg om de vacatures te vullen.

Eerst kijken naar je eigen planning

Inhuren is niet altijd het juiste antwoord. Veel capaciteitsproblemen zijn eigenlijk planningsproblemen. Drie vragen helpen om dat te scheiden:

  • Is de piek tijdelijk (een oplevering, een project dat uitloopt) of structureel? Voor een structureel gat is een vaste medewerker of een leerling-werknemer vaak verstandiger dan steeds opnieuw inhuren.
  • Kun je werk ontkoppelen? Prefab, een andere volgorde van disciplines of een onderaannemer voor een compleet pakket vraagt soms minder mensen op de bouwplaats dan losse inhuur.
  • Wat kost inwerken? Een ingehuurde timmerman die eerst de bouwplaats en de tekeningen moet leren kennen, levert minder op dan zijn uurtarief doet vermoeden. Bij een klus van twee weken weegt dat zwaar.

Pas als de piek echt tijdelijk is of een specifieke vaardigheid ontbreekt, is flexibele capaciteit een goede oplossing. Dan komt het erop aan hoe je inhuurt, en bij wie.

Kiezen tussen uitzenden, detacheren en zzp

Een uitzendkracht of gedetacheerde werkt onder jouw leiding, maar is in dienst bij het bureau. Een zzp’er is zelfstandig en valt onder de regels rond schijnzelfstandigheid. Wie vooral behoefte heeft aan een paar weken extra capaciteit met weinig administratie, is meestal beter af via een gespecialiseerd uitzendbureau in de bouw, dat de vakkennis van de kandidaten kent en het loon en de verplichtingen zelf afhandelt. Een zzp’er past beter bij een afgebakende klus waarvoor je een resultaat afspreekt in plaats van uren.

Wat je controleert voordat iemand begint

De eerste controle is de Waadi. Volgens KVK moet je als inlener altijd nagaan of het bedrijf waarvan je personeel inhuurt in het Handelsregister staat en een Waadi-registratie heeft. Doe je dat niet, dan kun je een boete krijgen.

De tweede controle is de aansprakelijkheid voor loonheffingen. Volgens de Belastingdienst kan de inlener aansprakelijk worden gesteld voor loonheffingen en omzetbelasting als de uitlener die niet betaalt. Dat geldt ook voor de doorlener, dus voor de hele keten van aannemers die ingeleend personeel gebruiken. Je beperkt dit risico door een verklaring betalingsgedrag van de uitlener te vragen en je eigen administratie op orde te houden, of door het deel van de factuur voor loonheffingen en btw op de g-rekening van de uitlener te storten. KVK noemt daarnaast het SNA-keurmerk: bij een bedrijf met dat keurmerk kan de Belastingdienst niet betaalde loonheffingen en btw voor het ingeleende personeel niet bij jou terughalen.

Daarnaast loont een paar praktische controles op de bouwplaats zelf:

  • Veiligheidscertificaat: vraagt jouw opdrachtgever VCA of een gelijkwaardig certificaat, dan geldt dat ook voor ingeleend personeel. Vraag de geldigheidsdatum, niet alleen het bewijs dat het bestaat.
  • Vakbekwaamheid: vraag bij gespecialiseerd werk zoals lassen of hijsen de bewijzen op voordat je het werk toewijst.
  • Identiteit: leg een kopie van het identiteitsbewijs vast.

Nieuwe regels vanaf 2027

De regels worden strenger. Volgens KVK mogen uitleners vanaf 1 januari 2027 alleen nog personeel uitlenen als de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) ze heeft goedgekeurd, onder de nieuwe Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta). Goedgekeurde bedrijven komen in een openbaar register, en inleners mogen straks alleen nog samenwerken met uitleners die daarin staan. Uitleners moeten onder meer een VOG tonen en een waarborgsom van 100.000 euro storten. De Arbeidsinspectie begint vanaf 1 januari 2028 met handhaving, en tot die tijd blijft de Waadi-check bestaan. Vraag een bureau dus hoe het zich op de Wtta voorbereidt.

Kort samengevat

Kijk eerst of je een planningsprobleem of een capaciteitsprobleem hebt. Huur alleen in voor echte pieken of een specifieke vaardigheid, en controleer de Waadi-registratie en de aansprakelijkheid voor je begint.