fbpx

Industrieel bouwen: oplossing woningnood?

Artikel delen

Woningnood staat weer hoog op de maatschappelijke agenda. De komende tien jaar moeten er dan ook ongeveer 900.000 nieuwe woningen bij komen om het woningtekort te beheersen. In het regeerakkoord hebben de vier coalitiepartijen al afgesproken om de woningbouw te versnellen tot 100.000 woningen per jaar. Is industrieel bouwen de oplossing voor deze uitdaging?

Tekst: ing. Frank de Groot

nieuwbouw

Nieuwbouw woongebouw M’DAM in Monnickendam door De Groot Vroomshoop. Foto: De Groot Vroomshoop.

Industrieël bouwen & de BouwBeurs

Industrieel bouwen kan veel kansen bieden als het gaat om de woningnood in Nederland. Nu de BouwBeurs voor de deur staat willen we graag wat extra aandacht aan dit onderwerp geven. In dit artikel gaan we dan ook in op wat industrieel bouwen zou kunnen betekenen voor de woningnood. De bouw van woningfabrieken komt weliswaar op gang, maar de daadwerkelijke afzet van industriële systeemwoningen is echter nog niet gewaarborgd.

Koffie drinken?

BouwTotaal staat op de BouwBeurs 2023 (6 t/m 10 februari 2023). Onze redacteuren en accountmanagers ontmoeten je graag! Kom je een kopje koffie bij ons drinken? Je vindt ons in hal 7 standnummer F042.

Al in 2014 startte VolkerWessels met de bouw van een fabriek die comfortabele en duurzame woningen onder de naam ‘MorgenWonen’ aan de lopende band kon produceren. Sindsdien beschikt het bedrijf over meerdere fabrieken die complete woningen en appartementen in beton of hout kunnen produceren. MorgenWonen begon acht jaar geleden met een (semi) prefab eengezinswoning, maar inmiddels gaat het ook om (semi) appartementencomplexen tot zes verdiepingen. In acht jaar tijd zijn er circa 3.000 complete prefab woningen en appartementen van de productieband gerold.

energieneutrale assemblagehal

In een energieneutrale assemblagehal van geWOONhout in Wehl (gemeente Doetinchem) worden kant-en-klare houten woningmodules geassembleerd. Hiermee zijn seriematig circulaire houten HOUTbaar HUIS-woningen en (zorg-)appartementen samen te stellen.

De concurrentie liet een tijdje op zich wachten, maar najaar 2020 is Van Wijnen gestart met de bouw van een woningfabriek in Heerenveen. Medio/najaar 2022 wordt de fabriek operationeel en moeten er uiteindelijk jaarlijks 4.000 Fijn Wonen woningen de fabriek verlaten. Bouwbedrijf Plegt-Vos is in maart 2021 gestart met de bouw van een woningfabriek nabij Almelo. Het bedrijf uit Hengelo wil hier kant-en-klaar woningen gaan bouwen, maar ook delen van woningen. Na een opbouw en testfase is de fabriek sinds het tweede kwartaal van 2022 operationeel en is gestart met een productiecapaciteit van 30 woningen per week. De komende jaren worden vier andere hallen in fases toegevoegd waardoor deze capaciteit steeds verder uitbreidt. In totaal worden vijf productiehallen en een experience center gebouwd.

Naast deze fabrieken zijn er ook leveranciers van houtbouw, zoals De Groot Vroomshoop, geWOONhout (Koopmans Bouw) en Heijmans ONE, die complete houten woningmodules leveren. Na assemblage van de modules staat er vaak al in één dag een complete woning. Op 1 juli 2022 nam Heijmans de IIBO fabriek (Intelligente Innovatie Bouw Oplossingen) in Heerenveen officieel over. Nog dit jaar worden er voorbereidingen getroffen voor de industriële productie van duurzame houtskeletbouwwoningen voor heel Nederland.

Beleid

De bouw van woningfabrieken mag dan op gang komen, daarmee is de daadwerkelijke afzet van industriële systeemwoningen nog niet gewaarborgd. “De werking van de woningbouwmarkt wordt sterk beïnvloed door overheidsbeleid: door bouwregelgeving, invulling van de ruimtelijke ordening, grondbeleid, volkshuisvestingsbeleid en de laatste jaren ook door maatregelen ter bescherming van het milieu. Denk aan energietransitie, klimaatadaptatie, stikstof en PFAS”, concludeert Pieter Huijbregts, voormalig voorzitter van het Netwerk Conceptueel Bouwen, in zijn essay over het opschalen van industriële systeembouw.

Gemeenten of andere partijen verkopen hun grond vaak aan ontwikkelende bouwers. Door het zelfrealisatiebeginsel heeft de eigenaar van de grond het recht om zelf te bepalen wie de bouwer wordt. Dat belemmert de concurrentie en een optimale inzet van concepten. “Daarom ligt het voor de hand dat gemeenten en ontwikkelaars hierover afspraken maken. Bijvoorbeeld dat de bouwprijzen niet mogen liggen boven wat er met industrieel bouwen mogelijk is”, aldus Huijbregts.

Toch is er ook goed nieuws. Industrieel bouwen is namelijk duurzaam. Bouwen in de fabriek zorgt bijvoorbeeld voor minder afval. Woningbouwconcepten die in de fabriek worden gebouwd zijn ook beter herplaatsbaar en/of losmaakbaar dan traditioneel gebouwde woningen (gemiddelde losmaakbaarheidsindex 0,85). Het aantal vervoersbewegingen van industrieel gebouwde woningen ligt verder lager dan bij traditionele woningen. Er hoeft minder mens en materieel naar de bouwplaats en dat heeft ook meteen positieve consequenties voor de fijn- en stikstofuitstoot. Veelal zijn de industrieel vervaardigde woningen al vanuit de ontwerpfase duurzaam gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan geïntegreerde zonnepanelen en hoge luchtdichtheidswaarden.

Kwaliteitsborging

De huidige bouwregelgeving is niet altijd bevorderlijk voor industrieel bouwen. Huijbregts: “Het Bouwbesluit beschrijft de minimale eisen waaraan een woning moet voldoen. Volgens sommigen past de opzet daarvan niet goed bij industrieel vervaardigde productie. Maar belangrijker lijkt dat gemeenten ieder plan op die eisen moet toetsen en moeten toezien op een correcte uitvoering. Dat vraagt maanden tijd en veel geld; met legeskosten van enkele duizenden euro’s per woning als gevolg. Omdat bij het klassieke bouwen ieder project uniek is, is zo’n uitgebreide toets nodig.”

Omdat concepten al bewezen en soms ook al onafhankelijk getoetst zijn, kan het verlenen van vergunningen en het toezicht veel simpeler en goedkoper. Huijbregts: “Naar analogie van de toelating van nieuwe auto’s tot het verkeer, kan er een landelijke toelating van goedgekeurde prefab woningen komen.” Zoals elders in deze Uitgelicht beschreven hebben BouwQ en Kiwa een nieuwe beoordelingsrichtlijn (BRL) 2840 ontwikkeld waarmee prefab woningconcepten gecertificeerd kunnen worden. Dat scheelt de toekomstige kwaliteitsborger veel werk.

Keurmerk houtbouw

Wat tot slot ook meehelpt bij houtbouw is het nieuwe keurmerk HoutbouwersNL. Dit is een initiatief van de sectie Houtbouwsystemen van de Nederlandse Branchevereniging voor de Timmerindustrie (NBvT). Meer dan vijftig producenten van houtskeletbouw, CLT, modulebouw en dak- en gevelelementen schaarden zich achter het op 12 april 2022 gelanceerde keurmerk. KOMO-certificering legt de juistheid van de toegepaste materialen, prestaties van de constructie en het productieproces vast. Aanvullend op de Bouwbesluiteisen worden er in deze KOMO-certificaten (private) eisen gesteld die de kwaliteit van het geleverde product in haar toepassing borgt.

prefab

Foto: Celdex / Peter Jan Fernhout.

Bouwen met HoutbouwersNL maakt het kwaliteitsborgingsproces voor de aannemer een heel stuk makkelijker. Het geleverde element of bouwdeel wordt onafhankelijk getoetst, waardoor de kwaliteit is geborgd en er een laag risicoprofiel aan wordt gehangen. Het kan dus eenvoudig worden afgevinkt in het bouwdossier. Onder de komende Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is de kwaliteitsborger er nauwelijks tijd aan kwijt, waarmee deze dus sneller en goedkoper zijn werk kan doen.

Resumerend liggen er veel kansen voor industriële woningbouw, maar dan moeten de kansen die er liggen wel benut worden. De bouwregelgeving zal beter afgestemd moeten worden op deze nieuwe wijze van werken en opdrachtgevers en overheden moeten de mogelijkheden op waarde weten te schatten.